Afgelopen woensdag mochten Ritzo en ik een workshop geven op de ‘landelijke conferentie voor de Brede School‘. We troffen een zaaltje met ambitieuze en gepassioneerde schooldirecteuren, die vertelden over hun strijd om hun school meer te laten zijn dan alleen maar een school. Hun gevecht met de wetten en de praktische bezwaren, zogezegd.
Wij van onze kant vertelden over onze kijk op ondernemen. Naar buiten kijken, kansen zien, risico’s overzien en gaan. Geïllustreerd aan de hand van Djungo, want het kon natuurlijk geen kwaad om dat bij deze doelgroep onder de aandacht te brengen.
Toen we onze theorie gingen toepassen op de praktijk van de Brede School kwamen we op een format voor een pitch die ons en de schooldirecteuren wel beviel:
- Welk probleem ga je oplossen? Wie ga je blij maken?
- Hoe ga je dat doen?
- Wat zijn de drie belangrijkste ‘ja maars’ en hoe ga je die ondervangen?
- Wat is precies je vraag of voorstel?
Simpel en toch niet al te ingewikkeld. Het leuke is dat je dit format voor een concrete nieuwe activiteit kan gebruiken, maar ook voor een brede school als geheel, op visie-niveau. Zo blijken er tenminste drie soorten brede school te bestaan, naar gelang het centrale probleem bij het kind (welzijn), de ouders (combineren werk en zorg) of de buurt (leefbaarheid) ligt.
Hieronder de slides van onze inleiding:
Termen: brede school, Onze projecten, project, sociaal ondernemerschap